Dyscalculie

Dyscalculie onderzoek

Een dyscalculieonderzoek van (ruim) één dagdeel wordt gedaan om vast te stellen of er sprake is van dyscalculie. Tijdens het dyscalculieonderzoek richten we ons op drie aspecten; namelijk de onderkennende, de verklarende en de handelingsgerichte diagnostiek. Bij de onderkennende diagnose brengen wij de ernst en achterstand van de rekenproblemen in kaart, zowel op het gebied van automatisering als inhoudelijke kennis van het rekenen. Ook wordt door middel van didactisch rekenonderzoek onderzocht welke strategieën het kind hanteert bij het rekenen en welke rekendomeinen worden beheerst. Vervolgens gaan we op zoek naar oorzaken van de rekenproblemen. Hier worden de huidige, uit wetenschappelijk onderzoek, bekende verklaringen getest. Dit zijn tekorten in; planningsvaardigheden, benoemsnelheid, verbaal en visueel-ruimtelijk geheugen en aandacht/concentratie. Tevens bekijken we of andere verklaringen voor de problematiek kunnen worden uitgesloten (bijvoorbeeld een zeer zwakke intelligentie of veel gemist onderwijs). Dit is de verklarende diagnostiek. De handelingsgerichte diagnostiek betreft onderzoek ten behoeve van de behandeling of onderwijsaanpak van het kind. We geven praktische tips en gericht advies over de begeleiding van het onderzochte kind in de klas en tijdens een eventuele behandeling.

Behandeling

Het kind krijgt een individuele behandeling waarbij de nadruk ligt op de basisvaardigheden van het rekenen. De ouder of verzorger wordt verwacht bij de behandeling aanwezig te zijn, omdat het oefenen thuis een belangrijk onderdeel van de behandeling is. Er is regelmatig contact met de desbetreffende school.